Getallen zijn onder te verdelen in even en oneven getallen. Een even getal is deelbaar door twee, een oneven getal niet. Lees hier meer over de deelbaarheid van getallen.

Het optellen, aftrekken en vermenigvuldigen van even en oneven getallen, levert als resultaat een even of een oneven getal op. Dat gaat volgens een vast patroon. Zo is de som van twee even getallen altijd even.

Bij het controleren van een rekensom maak je van deze kennis gebruik.

Oefenen: inleiding getallen

 

Even getallen

Een EVEN getal is een geheel getal dat deelbaar is door 2.

Dit zijn getallen die eindigen op een: 0, 2, 4, 6 of 8.

  • Voorbeelden: 18, 36, 622, 1024.

 

Oneven getallen 

Een ONEVEN getal is een geheel getal dat NIET deelbaar is door 2.

Dit zijn getallen die eindigen op een: 1, 3, 5, 7 of 9.

  • Voorbeelden: 19, 25, 567, 1121.

 

Een even getal is deelbaar door twee, een oneven getal niet.

 

Gehele getallen 

Plaatsen we de gehele getallen achter elkaar, dan zie je dat een oneven getal wordt gevolgd door een even getal. Je ziet ook dat even en oneven getallen negatief kunnen zijn.

..., -5 , -4, -3, -2, -1, 0, 1, 2, 3, 4, 5, ... 

 

Even of oneven als resultaat

Bij het rekenen met even en oneven getallen zie je een vast patroon. De uitkomst is steeds even of oneven.

Tel je bijvoorbeeld twee even getallen bij elkaar op dan is het resultaat altijd een even getal.

  • Bijvoorbeeld 6 + 18 = 24. 

Bekijk hieronder het schema dat gaat over 'optellen en aftrekken', en daarna over 'vermenigvuldigen'.

Van deze kennis maak je gebruik, om te controleren of het antwoord van een rekensom goed of fout is.

 

Je kijkt steeds naar het laatste cijfer of dit even of oneven is.

 

I. Optellen en aftrekken

Schema 1:

even + even = even --> 14 + 8 = 22; 26 − 8 = 18

even + oneven = oneven --> 8 + 7 = 15; 22 − 9 = 13

oneven + even = oneven --> 25 + 8 = 33; 17 − 8 = 9

oneven + oneven = even --> 15 + 45 = 60; 13 − 7 = 6

 

Je ziet aan het voorbeeld dat de som van twee oneven getallen altijd een even resultaat oplevert.

Het maakt niet uit of er een plus (+) of een min (−) staat.

 

Ontdek de regelmaat als je rekent met even en oneven getallen.

 

II. Vermenigvuldigen

Schema 2: 

even x even = even --> 2 x 8  = 16

even x oneven = even --> 4 x 7 = 28

oneven x even = even --> 5 x 6 = 30

oneven x oneven = oneven --> 9 x 3 = 27 

 

Vraag: Goed of fout?

Aan 646 x 221 = 142.765 zie je direct dat het antwoord fout is. Ga dit na.

(Antwoord: Even keer oneven levert een even resultaat op. Het laatste cijfer is oneven. Dus fout.)

 

© 2021 MijnRekensite.nl